Nieuws

Navordering toegestaan omdat fout in aanslag direct zichtbaar was


Bij het verwerken van de aangifte inkomstenbelasting maakte de belastingdienst een fout. De belanghebbende had op zijn aangiftebiljet aangetekend dat hij in 1998 een aanmerkelijk belangverlies van ? 11.037 had geleden en een gouden handdruk van ? 40.700
had ontvangen, waarop het bijzondere tarief van toepassing was. Deze bedragen waren in bijlagen bij de aangifte nader gespecificeerd. In plaats van 25% van het aanmerkelijk belangverlies als te verrekenen in te vullen had de medewerker van de belastingdienst
het bedrag van de gouden handdruk ingevuld. Daardoor werd te weinig belasting geheven. In geschil was of de belastingdienst een navorderingsaanslag mocht opleggen. Hof Den Bosch verwees naar een arrest van de Hoge Raad uit 2003, waarin de Hoge Raad oordeelde
dat navordering mogelijk is als een aanslag te laag is vastgesteld als gevolg van een vergissing die heeft geleid tot een discrepantie tussen wat de inspecteur wilde en wat in het aanslagbiljet is vastgelegd. Voor de belastingplichtige moet dan wel redelijkerwijs
kenbaar zijn dat bij de totstandkoming van de aanslag een fout is gemaakt. De inspecteur die zich op een vergissing beriep moest bewijzen dat er inderdaad een vergissing was gemaakt. Volgens het Hof was er sprake van een overnamefout gevolgd door een fout
die werd veroorzaakt door onvoldoende inzicht in het recht of het datasysteem, doordat deze medewerker niet 25 % van het verlies maar het volledige verlies intypte. Die laatste fout vormde naar het oordeel van het Hof een ambtelijk verzuim. De inspecteur had
ervoor moeten zorgen dat de medewerkers voldoende inzicht in het systeem en het recht hadden om de gegevens uit het aangiftebiljet op een juiste wijze over te nemen in het datasysteem. De eerste fout was wel een vergissing.Navordering was dus toegestaan tot
herstel van het verschil van de gemaakte vergissing, dat wil zeggen het verschil tussen wat de medewerker wilde intoetsen en wat hij had ingetoetst. Het niet controleren van de gegevens in het datasysteem aan de hand van het biljet was geen ambtelijk verzuim.
De medewerker die de risicoanalyse van de aangifte had uitgevoerd behoefde er naar het oordeel van het Hof niet op bedacht te zijn dat de gegevens in het datasysteem zouden afwijken van die in het aangiftebiljet. Het Hof verminderde de navorderingsaanslag.
De omstandigheid dat de belanghebbende die belastingadviseur was, als gevolg van een auto-ongeluk last had van concentratieproblemen, had niet tot gevolg dat de gemaakte fout niet kenbaar was. Dat betekende dat navordering was toegestaan.

2017-04-12 07:22:07

Klik voor meer nieuws