Nieuws

Integratieheffing van toepassing op voor eigen gebruik gemaakte kweekbodems laboratorium


De belastingdienst was van mening dat een laboratorium over zelf geproduceerde en bij onderzoeken gebruikte kweekbodems met toepassing van de integratieheffingsbepaling omzetbelasting verschuldigd was. De integratieheffing vindt plaats als een goed in
eigen beheer wordt gemaakt en vervolgens in het eigen bedrijf wordt gebruikt of verbruikt. Het laboratorium beriep zich op de vrijstelling voor medische prestaties en op een resolutie van het ministerie van FinanciŽn waarin een vrijstelling van omzetbelasting
voor onderzoeksinstellingen was opgenomen. De belastingdienst legde een naheffingsaanslag op. Deze werd berekend over de totale bruto loonsom van de medewerkers van de afdeling die de kweekbodems produceerde. Op die manier werd impliciet rekening gehouden
met het recht op aftrek van voorbelasting. In de procedure naar aanleiding van de opgelegde naheffingsaanslag kwamen de volgende vragen aan de orde.I. Was op de prestaties van het laboratorium de vrijstelling voor medische prestaties van toepassing? II. Had
de resolutie ook betrekking op de integratieheffing van omzetbelasting?III. Is de productie van kweekbodems een onderdeel van de medische prestaties van het laboratorium, waardoor de vrijstelling van omzetbelasting van toepassing is? IV. Zo nee, uit welke
handelingen bestaat de vervaardiging van de kweekbodems? V. Is de integratieheffing alleen van toepassing op kweekbodems die ook in de markt verkrijgbaar zijn?Volgens Hof Den Bosch vielen de door het laboratorium verrichte onderzoeksdiensten onder de vrijstelling
van omzetbelasting voor medische prestaties. Uit jurisprudentie van het Hof van Justitie EG leidde het Hof af, dat vrijstelling volgens de Zesde EG-richtlijn van toepassing is op de uitoefening van (para)medische beroepen voor doeleinden van preventie, diagnose,
behandeling en genezing van ziekten of gezondheidsproblemen. Het door het laboratorium verrichte onderzoek diende de diagnose. De resolutie had niet de bedoeling om de integratieheffing achterwege te laten bij onderzoeksinstellingen. Steun voor deze uitleg
vond het Hof in jurisprudentie van de Hoge Raad. De productie van kweekbodems was geen onderdeel van de vrijgestelde onderzoeken, maar een aparte prestatie, die via de integratieheffing belast was. Het maken van kweekbodems bestond niet alleen uit het bereiden
van de voedingsbodemsubstantie, maar ook uit de vervolghandelingen tot aan het nummeren, stickeren en verpakken. Het Hof zag geen reden om de integratieheffing afhankelijk te stellen van een verstoring van de concurrentieverhoudingen of het verkrijgbaar zijn
van de betreffende goederen op de markt. Omdat de inspecteur voor het geval het gelijk aan zijn zijde zou zijn een vermindering van de naheffingsaanslag had toegezegd, verminderde het Hof de aanslag met dat bedrag en werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding
van de proceskosten.

2017-04-12 07:22:07

Klik voor meer nieuws